Annewies Majoor-Berger

Ik heet Anne-Louise Berger, ben geboren in Venlo in 1946. Sinds mijn vroege jeugd heb ik een sluimerende belangstelling voor het continent Afrika. Mijn allereerste herinnering dateert van 1949 toen mijn eveneens uit Venlo afkomstige oom Joop als Witte Pater de familie verliet om in Frans Guinee en daarna in Mali zijn taak als missionaris te vervullen. De Ursulinen, die me zowel op de kleuter- als op de lagere school onder hun hoede namen, waren zeer missiegezind.

Activiteiten als het plaatsen van missiebusjes voor arme negerkinderen waren niet vreemd voor me. Leesboekjes met prachtige sentimentele verhalen werden door mijn vriendinnen en door mij verslonden. Al gauw vormden wij, zo’n 10 man sterk de ‘Wipa-club’ (Witte Pater-club).
In 1971 werd Gerard Majoor mijn echtgenoot. Wij hebben in die tijd ernstig overwogen naar Afrika te gaan. Gerard als bioloog, ik als röntgenlaborante. In het instituut voor de tropen in Amsterdam kregen we daartoe een kleine opleiding en een scala aan inentingen. We zijn in Nederland gebleven omdat er een wel erg aantrekkelijke gezondheidsklus aan Gerard werd voorgelegd. In 1973 overkwam ons een wonder: Daan, die sinds een dikke maand de trotse vader is van Karlijn! Ons tweede kind, de Maastrichtse Ineke, heeft een studie Nederlands en Zuid-Afrikaans afgerond. Zij is daarvoor een half jaar in Bloemfontein woonachtig geweest. Gerard is voor werkzaamheden geregeld in Mozambique, Kenia en Soedan.
Toen Jo Nelissen mij vroeg om mee te doen in het comité Maastricht Niou heb ik het overwogen en me afgevraagd welke bijdrage ik zou kunnen leveren. De ideeën spreken mij aan, terugdringen van woestijn d.m.v. planten en doen groeien van bomen, mogelijk gemaakt door TerraCottem; aanleggen van tuinen voor eigen gebruik en verkoop, zodat dorp en omgeving in eigen onderhoud en ontwikkeling kunnen voorzien. Kleinschaligheid, gelden komen direct ten goede aan de plaatselijke bevolking, zonder “strijkstok”. Een zeer enthousiaste groep van allemaal bijzonder plezierige mensen. Wat wil ik nog meer dan hier in de toekomst een bijdrage leveren. Misschien kan ik nieuwe wegen vinden om de namen Niou en Burkina Faso meer bekendheid te geven en misschien kan ik op den duur nieuwe mensen voor het project interesseren.